jelleke.punt.nl

2016. Het ligt bijna achter ons. En dan is er op tv en in kranten van alles te zien over het afgelopen jaar. Dus .... laat Jelleke ook eens terug blikken.

2016 dus.

Wel. Het jaar begon niet best. Het was een trent die al langere tijd geleden ingezet was. Mama die zichzelf te veel wegcijferde, probeerde te blijven zwemmen maar het hoofd niet meer boven water kon houden. Aanvraag voor de broodnodige hulp die was afgewezen. En dochterlief die weer om de haverklap ziek werd met hier en daar een ziekenhuisopname erbij. Daar vaarde mams niet wel bij en medicatie als reddingsvest bleek nodig om boven water te blijven.

En toch, toch was uiteindelijk zo'n ziekenhuisopname wel hetgeen die verantwoordelijk was voor de ommezwaai. Het ziekenhuis die spoed achter een operatie zette en de medewerkster van het CJG die mij daar zag en zich realiseerde dat een eerder genomen beslissing niet de juiste was.

Het diepe dal waar ik mij voelde zitten deed mij realiseren dat ik de verkeerde weg was ingeslagen. Opkomen voor je gezin, inzetten voor je gezin, dat is allemaal heel belangrijk. Maar gelijktijdig moet je voor jezelf blijven zorgen. En dat laatste, dat was ik uit het oog verloren.

Roos werd geopereerd en eindelijk ging het echt goed met haar. En dat gaf rust in huis. Rust bij Roos, rust bij mama en papa en daarmee ook rust voor de jongens. We vaarden er allemaal wel bij. En, we kregen eindelijk de hulp waar ik om gevraagd had. Positiviteit, datgene waar ik mij het liefst mee omring, het was eindelijk weer echt een onderdeel van mij. Niet maar doen alsof maar het gewoon weer echt voelen. Heerlijk!!

En terwijl alles goed ging en ik mij verheugde op een rustig jaartje ..... kwam daar ineens die ene baan voorbij. Een baan die ik graag wilde. Maar oh oh wat maakte ik mij zorgen over het aantal uren dat ik dan moest werken. Het koste heel wat kopzorgen maar ..... ik volgde mijn hart en deed het. Het voelde als een sprong in het diepe. Maar het bleek een sprong met een zachte landing. Het was een goede beslissing geweest. En zo eindigen we 2016 heel veel beter dan het begon. En dat voelt heerlijk. 2017, ik heb er al zin in :-).

Gelukkig nieuwjaar allemaal!!

That the best of 2016 wil be your worst in 2017.



Reacties (1)

What goes up, must come down. Dat gegeven is een feit. Gelukkig werkt het bij de mens (doorgaans) wat anders. Wie in dalen zit is van plan om omhoog te klimmen. En dat is waar ik de afgelopen weken aan gewerkt hebt. Voor mezelf. Voor mijn gezin. En gelukkig, ik wordt daar beter in.

Toch leuk. Beter worden in opkrabbelen .... . Zou het mooi staan op mijn cv? Persoonlijke kwaliteiten: Opkrabbelen na een dip ;-).

Ach ja. Positief blijven, ergens de lol van inzien. Dat is wel wat mij doorgaans op de been houdt. Bij de pakken neerzitten. Het is een menselijk iets, en iedereen overkomt het wel eens. Gelukkig blijf ik daar nooit lang in hangen. Een denker, piekeraar misschien ben ik dat dan wel weer. Hoe kwam ik in die dip? Wat kan ik doen om daar uit te blijven? Dat zijn vragen die me flink bezig kunnen houden.

Wel. 1 oplossing heb ik eindelijk gevonden en gekregen. Het heeft een jaartje vechten gekost maar eindelijk heb ik een PGB gekregen. Voor ambulante jeugdhulp. Mooie term he? Wat het inhoudt? 2x 2 uur individuele begeleiding van mijn oudste 2. Al wijzer? Vast niet. Het is ook een heel gedoe, al die termen en zorg en ... pfff van alles. Maar, 2x per week worden de oudste 2 opgehaald door onze oppas annex kindercoach en gaat zij met de jongens 'op stap'. Dat kan gewoon in het bos zijn of bij haar thuis of waar dan ook. Belangrijkste doel, dat het leuk is. Maar zo vrijblijvend als het klinkt is het niet. In die tijd is het ook de bedoeling dat de jongens wat leren. Zoals met emoties omgaan. Zelfstandiger worden. Meer vertrouwen in zichzelf of een ander krijgen. Kortom, er zijn leerdoelen. Alles wat zij gaat doen heeft een doel, een missie. Helpt mijn jongens om later een volledigere man te worden.

En met die leerdoelen ben ik al dolblij. Want ik zag al lange tijd dat die doelen belangrijk waren. En ik zou die het allerliefst gewoon zelf doen. Maar, de mogelijkheid daarvoor ontbreekt mij. De complexiteit te groot. Gelukkig was een half uurtje bezoek van iemand van de gemeente (op een woensdagmiddag, terwijl ik computers en tv had verboden) genoeg om haar te overtuigen dat ik inderdaad hulp nodig had. Of ik daar dan weer echt blij mee moet zijn .... tsja .... ja en nee natuurlijk. Maar ik kreeg het. En meer dan gebruikelijk (gebruikelijk is 1 uur per week).

Het kostte een jaartje maar nu zie ik dan toch de voordelen van jeugdzorg en krijg ik wat ik nodig heb. 1x per 2 weken zorgboerderij voor 1, en individuele begeleiding voor 2. De toekomst voor mijn kids is een stuk beter geworden. De zorg een stuk minder. Eindelijk kan ik weer kansen zien waar ik eerst alleen maar bergen zag. Wat mij niet lukt om aan mijn jongens te geven, dat gaat hopelijk nu wel lukken. Een moeder heeft het liefst gewoon zelf de zorg voor haar kinderen. Maar, wanneeer het het beste is voor je kind om die zorg uit handen te geven, dan moet je over een drempel, maar je doet het wel. Want, er is gewoon maar 1 ding belangrijk.

Het beste. Het beste voor je kind.

En naast dat ik eindelijk het beste krijg voor mijn kinderen (nouja .... 1-na beste want liever deed ik het zelf, natuurlijk) .... krijgt moeder ook een stukje rust. 2x 2 uur per week. En dat, dat is ook fijn. What was down, goes up, up to the sun, to the light. Mijn weg nu is omhoog. En omdat de reis minstens zo belangrijk is als de bestemming ben ik van plan om van de reis te genieten, het rustig aan te doen. Hier en daar een pauze. Zo nu en dan dankbaar in het zonnetje zitten. Soms even de schaduw koesteren omdat daar ook speciale momenten in zitten.

Andere mensen leren je wijze dingen.

 

Reacties (1)

De overtreffende trap van moe is moeder. Een kreet die ik al lange tijd hoor. En, het is natuurlijk gewoon waar. Maar hoe meet je vermoeidheid? Hoe vergelijk je het? Lang geleden las ik over de Lepeltjes theorie.

Ik vond hier veel herkenning in. Niet wat betreft enorme vermoedheid. Maar in de hoogtij dagen van mijn RSI was het wel vergelijkbaar. Het was een dagelijks fenomeen dat ik na het douchen mij niet direct kon aankleden. De energie in mijn armen was opgebruikt en het kon zo maar weer een uur duren voor ik uberhaupt in staat was tot aankleden (en dan droeg ik kleding zonder sluitingen, want daar kon ik zowiezo niets mee). Aan eten hoefde ik dan nog niet te denken. Want na het aankleden eten of drinken vast houden zat er dan niet meer in. En zo rijgden de dagen zich aaneen. Het duurde lang, erg lang, voor ik eindelijk door had dat ik alles op een ander tempo moest doen, en vooral, op een andere manier. Maar ik leerde het. En nog altijd trek ik van die tijd mijn voordeel.

Tegenwoordig vraag ik mij erg af waar en hoe deze theorie nu van toepassing is voor mij. De slechte nachtrust van de afgelopen jaren in combi met het intensieve gezinsleven is .... pittig. Na de juni vakantie kende ik een absolute opleving. Het was lang geleden dat ik mij zo uitgerust en goed voelde. De weken daarna echter waren pittig thuis. De nachten niet altijd even lang als ik gehoopt had. En dan, zonder dat je het eerst door hebt, zit je al weer over je tax. Ver. Te ver.

Lijkt de dag wel 72 uur en de nacht maar 4 uur. Vallen overdag zo maar ineens de ogen dicht op een onbewaakt rustmomentje en schrik je weer wakker door het gehuil van een kind. En als je dan eindelijk, eindelijk, eindelijk naar bed mag en je hoofd het kussen raakt, je ogen niet meer open te krijgen zijn, je lijf te moe is om draaien uberhaupt te overwegen ....... dan wil de slaap niet komen. Je verlangt er naar, je kijkt er naar uit, je wil het, je wenst het, je eist het. Maar het maakt niet uit. Moe, doodmoe, maar wakker, lig je uren in bed. Je zou willen huilen ..... als je er de energie voor zou hebben.

Overtreffende trap van moe is dus moeder. Maar .... wat is dan de overtreffende trap van moeder?

En wat is mijn belangrijkste opdracht? Dat ik leuke dingen ga doen. Om energie op te doen. Ik deed dat. Afgelopen maandag avond. En ja, het was leuk. Het was fijn. Het was zeker gezellig. Maar de energie die het me kostte ...... die ben ik nu nog niet te boven. Leuke dingen doen. Jaja. Hoe doe je dat toch? Als het gewone dagelijkse leven al niet bij te benen is? Ik wil het wel. Graag. Maar hoe? Zonder dat het ten kostte gaat van  ..... nuja .... van alles .... .




Reacties

Na een weekje vakantie (dat blog ben ik nog schuldig) viel het thuis opstarten voor Wietse niet mee. Veel moeilijke momenten de afgelopen week. Eigenlijk is het vandaag, 25 juni, zijn verjaardag. Vieren deden we het niet. Want vandaag stond een bezoek aan Wildlands te Emmen op de agenda. Vooraf gegaan aan een nachtje logeren bij opa en oma.

Maar ondanks alle voorbereidingen ten spijt bleek het al vroeg in de ochtend een moeilijke dag te worden. Eenmaal aangekomen bij Wildlands bleek het niet beter te gaan. Het was druk, erg druk. En het regende. Flink. Deze combi bleek te veel voor ons mannetje. Na 2 uur kon hij het niet meer handelen. Ondanks goede service die we kregen bij een attractie met onze autipas (dat was, denk ik, het enige rustmomentje die dag). En hoewel we slechts 1/3e van het park gezien hadden was er maar 1 ding mogelijk. Naar huis.

Er zijn maar weinig momenten dat ik denk dat autisme een beperking is. Maar vandaag, ja vandaag voelde ik het wel zo. Maar vooral, wat hadden we te doen met ons mannetje. En wat zijn we blij dat, eenmaal thuis, we de lastige momenten van ons af konden schudden en hij weer kon lachen. Een dag positief afsluiten, dat is toch beter dan met verdriet en stress.

Toch kan mama het niet laten. Wat deden we fout? Hoe hadden we het anders kunnen doen? Hadden we dit kunnen voorkomen? Hadden we uberhaupt moeten gaan? Moeilijke vragen, lastige antwoorden.

Over een week vieren we zijn verjaardag en is hij (officieus??) 5. Hopelijk krijgen we die dag beter voor elkaar.


Reacties (2)

Vandaag mocht ik een paar uurtjes werken in de ballenbak. Bij aankomst werd net een gezin ingeschreven. Het bleek een kindje te zijn die bij een eerder bezoek een collega gebeten had. Moeder kreeg dan ook een waarschuwing dat bij enig probleem dit jongetje de toegang verder zou worden ontzegd. En dat zette wel de toon. Na 10 minuten was er het eerste huilende kind. Bij een poging een gesprek aan te gaan met het jongetje ontmoette ik een muur aan weerstand. Ik zag een hulpeloos en gefrustreerd jongetje in een veel te drukke ballenbak. Apart nemen lukte niet, de weerstand en frustratie groeide. Hoe vervelend en sneu ik het ook vond, voor dit jongetje was maar 1 oplossing, hij moest echt de ballenbak uit. Ter bescherming van hemzelf en de andere kinderen.

Na enig aandringen kwam de vader het kindje halen. Ik zag een aangeslagen vader. Een vader die in de verdediging ging. Die teleurgesteld was. En wat begreep ik die man. Zijn dochters mochten uiteraard blijven spelen. Die kwam hij later halen. Een goed gesprek was tegen die tijd gelukkig mogelijk. En ik kan niet anders zeggen, ik begreep hem en had met hem te doen. Het valt niet mee als je kind buiten de boot valt. Niet mee kan doen. Geweigerd wordt zelfs, in zoiets als een leuke speelfaciliteit. En hoewel hij inmiddels zelf ook inzag dat niet naar de ballenbak gaan een betere keuze was voor zijn zoon, voelde ik zijn pijn als mijn pijn. Het hebben van een speciaal kindje is bij tijd en wijle al enerverend genoeg. In het dagelijks leven met je neus op de feiten gedrukt worden dat je kind niet deel uit kan maken van wat voor anderen zo gewoon is. Dat is ronduit confronterend.

Nee. Al was de keuze die ik op een drukke avond als vanavond maakte de enige die ik kon nemen, trots ben ik er allerminst op.


Reacties

Dat zei de kinderpsychiater een tijdje geleden. Om te weten of Lars zijn medicatie nog wel werkte. Een testweekje. Nou. Dat hebben we allemaal geweten. In de eerste plaats zoonlief zelf. Die zei op dag 2 al dat hij het helemaal niet fijn vond zonder pilletje. Zijn medeklasgenoten waren het mogelijk al eerder zat en zijn lerares had ook een aardige uitdaging.

Gelukkig voor iedereen is hij nu weer met de medicatie begonnen. Gelukkig ...... dat zeg ik dan met een ietwat naar onderbuik gevoel. Hoewel het hem helpt ..... de medicatie is nog steeds een discussie punt. Hoe vaak je niet hoort dat dit medicijn slecht is. Een drugs is en wat al niet meer. Om het nog maar niet te hebben over de lange termijn gevolgen. Niemand weet nog wat die zijn. Laatst las ik zelfs dat kinderen bij langdurig gebruik er van in een psychose kunnen raken. Het is redelijk zeldzaam. Maar het kan dus wel. En dat zijn berichten waar ik niet vrolijk van wordt. Ik weet dat ik mijn kind help door hem dit te geven, maar blij ..... nee dat maakt het me niet.

Maar echt een andere optie zie ik ook niet. Want zonder is het voor hem niet te doen in de klas en niet alleen cognitief maar ook sociaal valt hij dan in een gat. En dan kom ik weer op de vraag die ik mezelf zo vaak stel. Waarom moeten we de kinderen aanpassen aan het onderwijs. Waarom? Zou het niet vele malen beter zijn als het onderwijs zich aanpast aan de kinderen. Aangepast onderwijs. Oja ...... men zegt dat dat al bestaat. De geluiden daarover zijn ook al zelden positief. Hoe komt het dan toch, waarom kunnen wij als (wijze???) volwassenen, als land, als schoolbestuur niet gewoon doen wat goed is voor de kinderen. Zij zijn de toekomst, wij willen ze vooruit helpen maar ondertussen verstikken we ze in patronen en methodes waarvan soms de achtergrond niet eens meer bekend is.

Zo heb ik ooit gevraagd aan school, waarom moeten de kinderen aan elkaar leren schrijven? Welke gedachte zit daar achter? Het antwoord van de school: omdat dat het lesmateriaal is wat de uitgever aanbiedt. En met deze enorm goed onderbouwde en goed doordachte methode leggen wij onze kinderen dus regels op omdat ..... de uitgever het zo aanbiedt.

Geweldig!! Met een pilletje lukt het schrijven gelukkig wel een stuk beter. En zo kan de uitgever jaar in jaar uit eenvoudig geld verdienen aan boekjes die nooit veranderen. Investeren in een nieuwe methode ...... dat kost geld. En dat investeren we liever niet in onze nieuwe generatie.



Reacties

Het is een vreemde ervaring. Ik heb zo nogal eens gesprekken met andere partijen. Verschillende partijen die ons ondersteunen, adviseren of gewoon anderzins verbonden zijn. En vaak komt dan de gezinssituatie ter sprake. Dat wil altijd iederen weten. Hoe zit het in elkaar? Omdat ik altijd een eerlijk beeld wil geven geef ik daar naar eer en geweten antwoord op. De antwoorden verrassen mij altijd. Zelfs na het al herhaaldelijk gehoord te hebben. Wat hoor ik zoal?

U heeft een complex gezin.

U heeft een hoge draaglast.

Dat is zwaar voor u.

Daar heeft u een behoorlijke draaglast mee.

Dat valt niet mee voor u.

U heeft een complex gezin waarbij elk kind een kindeigen problematiek heeft.

Tsja. Ik val daar altijd van stil. Weet nooit zo goed hoe er op te reageren. Ja. Tuurlijk. Er zijn dagen dat ik het even niet zie zitten. Dat ik de boel de boel wil laten. Dat ik een gevoel heb van creatief zijn met behang en bepaalde gezinsleden. Maar ........ geldt dat niet voor veel meer moeders? Daar ben ik toch niet uniek in? En ja, er zijn dagen dat ik niet weet hoe nu verder. Dat ik te moe ben om alert in te springen. Maarrr, geldt ook dat niet voor meer ouders? En dat is het natuurlijk. Ik heb geen echt vergelijkingsmateriaal. Mijn gezin. 3 kinderen. Alledrie zijn ze bijzonder. Alle 3 zo uniek en speciaal. Alle 3 stellen ze uitdagingen. Maar gos, wat geven ze ook een liefde en geluk. Wat kunnen we plezier maken samen. Wat zijn ze mooi en heerlijk puur.

Ik heb geen vergelijking. Ik weet niet hoe het anders kan zijn. En ja. Ik zie natuurlijk wel andere ouders op school. Daar lijkt altijd alles zo makkelijk en eenvoudig te gaan. Ze kunnen en doen dingen waar ik alleen maar van kan dromen. Maar ...... ik weet niet hoe dat is. Wij doen het met zijn 5-en zoals wij het doen. En dat gaat eigenlijk prima. Wij? Wij zijn wij. Bijzonder, speciaal en uniek. Heerlijk toch?


Reacties (1)

Wat gun ik mijn kinderen toch alles. En met mij natuurlijk vele andere ouders hun kinderen. Je gunt ze het ultieme. Het beste. Het is weer zo'n week dat er van alles door je heen gaat.

Oudste moet een werkstuk maken (groep 6, klas 4). Ik lees de zinnen die hij schrijft en krijg zo een indruk van de chaos in zijn hoofdje. Ondanks de medicatie is het daar duidelijk nog een drukte van belang. Samenhang, logica, het is allemaal ver te zoeken. Maar let wel, vrijwel alles wat daar stond, 2,5 pagina lang kwam uit het blote hoofdje. Vraag zoonlief iets over de ruimte en grote kans dat hij het weet (of in ieder geval iets er van weet). Een kanjer is het. Een groot visionaire. Alleen ... alles loopt door elkaar in het koppie. Mijn grote vent. Mijn kleine jochie. Wat bloed je hart dan voor hem. Wat geeft het dan een inzicht wat daarbinnen allemaal gebeurt. Ik zou er gek van worden.

En dan middelste. Geveld door de griep. En ons mannetje, zo vatbaar voor verkoudheden heeft dat in volle overgave. Na enige rustdagen toch weer naar school, om al weer gebeld te worden met het verzoek hem thuis te houden de rest van de week. Een verkoudheid is het. Geen koorts, niet echt ziek ziek, maar toch ..... school is te inspannend voor hem. En dat wreekt zich. Zo zielig. En dan is hij dus weer thuis. Terwijl grote broer wel naar school gaat, en kleine zus naar de psz. Daar snapt ons mannetje dan niets van. Wat kan het leven toch moeilijk zijn voor hem. Zo sneu. Wat zou ik graag willen dat het we het wat makkelijker konden maken. Gelukkig is hij dan ook weer gauw blij. Geef hem een kalender waarop duidelijk is wanneer hij weer naar school mag ..... en hij is dolgelukkig. Elke dag een kruis zetten en elke dag is school weer een dag dichter bij. Dat is zijn universum.

En dan dochter. Vandaag een gesprek gehad met de psychologe. En daar komt het duidelijk naar voren. Wat zij moet leren is dat ze een kanjer is. Een knappe meid die veel heeft meegemaakt. Maar dat dit haar er niet onder krijgt, maar haar juist sterker maakt. Een meisje die veel heeft moeten ondergaan dat ze niet wilde, die niet ervaarde dat haar moeder het tegenhield maar liet gebeuren. Nu moet ze leren dat dit was om haar beter te maken en dat ze er sterker uit kan komen. Voor haar gaan we een nieuwe betere wereld creeeren. 1 waar zij de held is.

Ja. ..... het is me het weekje wel. Maar voor alle 3 gaan we weer aan het werk. Voor alle 3 gaan we weer gepaste stappen nemen. Want. We gunnen ze de zon, de maan en de sterren en dus ...... gaan we er voor. Voor het oneindige. Het ultieme. Het universum.




Reacties

Vandaag had ik een mama van school over de vloer. Ze is hoogzwanger van "de 2e leg". Het was gezellig om even bij te kletsen nu we elkaar niet vaak meer zien. Maar wat kwamen er bij mij een hoop herinneringen naar boven zeg. Want 3 jaar geleden wordt ik morgen opgenomen in het ziekenhuis om de bevalling in gang te zetten. En als ik nu terug denk aan toen ...... tjeuh. Het was toch allemaal best heftig, al beleefde ik het toen niet zo. Maar ...... 's morgens 1x de trap af mogen en maar 1x de trap op mogen terwijl je een huishouden rund met een 6 jarige schoolganger en een 1 jaar oud manneke dat sneller was dan zijn moeder ..... . Afhankelijk zijn van lopen met krukken en dan ook je huishouden draaiende houden ..... ik snap nu eigenlijk niet dat dat toen ging.

Maar zoals het altijd is, als iets moet. Tuurlijk "ging" het. Alleen niet op de ideale manier. Verre van zelfs. Maar je past je aan. Je moet wel. Ook realiseerde ik me ineens hoe zwaar het voor Wietse geweest moet zijn. Autistisch was hij toen ook al, al wisten we het niet. TOS had hij ook, al wisten wij het niet. En hij had een moeder die fysiek niet tegen hem was opgewasssen. Die het zwaar had. Niet altijd in haar beste doen was. En voor hem was de wereld toch al zo'n warboel. Arm arm jochie toch. En als hij rende ... dan was moeders in paniek want met krukken en rammelende bekken rennen ..... dat was echt geen optie. Pas nu realiseer ik me dat dit voor hem een enorme impact geweest moet zijn. Een moeder die vaak gilde en riep, terwijl hij er geen drol van begreep. Taalkundig niet en sociaal niet. Arm arm jochie.

En toen ging mama naar het ziekenhuis. Om te bevallen. Dat dat al met al 3 dagen zou duren hadden we van te voren ook niet ingeschat. Mijn record stond immers op 28 uur. Maar nog ben ik de vrouwelijke gynaecoloog dankbaar die op dag 2 naar mijn krukken keek en zei; ik stuur jou zonder kindje niet naar huis. Dankzij haar werd er een belangrijke stap gemaakt die zorgde dat de bevalling op gang kwam en ons meiske een dag later toch echt geboren werd. Want na de bevalling had ik niet alleen een mooi nieuw wondertje in mijn armen. En hoewel ik de eerste weken en maanden ook nog met strenge restricties te maken had, ik wist 1 ding. Na de bevalling kon er ook eindelijk gewerkt worden aan herstel. En dat was hard nodig.

3 jaar geleden al weer. Wat vliegt de tijd. Waar blijft de tijd. En hoe heerlijk ..... nog 1 jaar, en dan gaat zij ook naar school. Wel. Daar kijkt moeders best naar uit. Sorry. Maar het is waar. Maar nu .... nu kijk ik gewoon uit naar haar verjaardag. En denk ik alvast terug aan alles aan de laatste dagen voor haar geboorte. En realiseer ik me pas nu: ik wist dat ik het zwaar had, ik wist dat het voor Lars heftig was, ik wist dat het voor manlief niet meeviel. Maar verdraait, arme Wietse had het ook zwaar. Zwaarder dan wij toen ooit konden vermoeden.

Tijd voor een "preview".



Reacties (1)

Hoe 'vecht' je tegen iets wat je niet ziet? Wel, ik heb 1 ding geleerd. Vecht niet!

Als kind was ik erg bang voor spoken. Nachtlampje aan, deur op een kier. Het hielp allemaal iets. Maar de angst bleef lang. Vaak lag ik in bed, te bang om te bewegen of geluid te maken. Zelfs te bang om te trillen. Stijf van angst. Letterlijk. 1 ding wist ik met het ouder worden. Vechten tegen een spook kon ik niet, mijn angst onder ogen zien wel. Dus ging ik bewust bewegen. Bewust mijn keel te schrapen. En verdraaid. Er gebeurde niets. Geen spook, niets engs. En langzaamaan leerde ik zo mijn angst onder ogen te zien en naast me neer te leggen.

Vele vele jaren later kreeg ik RSI. En omdat ik er van overtuigd was dat het een ziekte was die verzonnen was door mensen die te lui waren om te werken, negeerde ik het. Tot ik op een dag geen knopen en gulpen meer dicht kreeg, geen bestek of glas vast kon houden. Toen realiseerde ik me toch dat ik een probleem had. Vele lastige jaren volgde. Ik moest iets leren accepteren, ik moest er naar leren leven. Maar ik leerde nog iets. Ik stond niet alleen in mijn eerdere mening over RSI. Aan mijn armen was natuurlijk niets te zien. Ik was verder ook niet ziek, zag er gezond uit. Ik kon alles ...... zolang ik daarvoor mijn armen maar niet echt nodig had. Dat ik na het douchen en afdrogen eerst in bed moest liggen omdat ik me simpelweg niet kon aankleden. Dat ik alleen maar kleding droeg zonder gulpen, knopen etc. zag ook niemand. Want ik bleef binnen. En langzaam leerde ik, je kan anderen niet overtuigen van iets, als zij het niet willen of niet kunnen. Mensen (m.n. werk) zagen vaak niet wat het inhield. En als je het niet ziet, dan is het vast niet zo erg als diegene zegt. Die overdrijft om zielig te doen. Ik leerde dit naast me neer te leggen. Iedereen heeft recht op zijn of haar eigen mening (die had ik immers ooit ook). Ik leerde ook om me niet te verdedigen. Ik haalde er mijn schouders voor op. Wist voor mezelf hoe de waarheid was, ik wist dat de mensen die er toe deden ook wisten wat de waarheid was, en dat was genoeg.

Ik heb een vriendin. Longkanker. Al 10 jaar. De hel waar zij doorheen is gegaan. Ik weet niet of ik het ooit zou kunnen. Waarlijk niet. Ook voor haar was het contact met de buitenwereld moeilijk. In al die tijd dat ze ziek is, heb je zelden echt aan haar kunnen zien dat ze ziek was. De ene chemo en bestraling na de ander. Operaties, waarvan 1 bijna haar leven heeft gekost. Ondanks dat heb je (bijna) nooit aan haar kunnen zien dat ze ziek was. De reacties van onwetenden waren soms navenant. Wat je niet ziet, is er niet en dus zal het wel meevallen. Ook zij heeft moeten leren hier mee om te gaan. Ook de reacties die ze vaak kreeg. Het waren niet altijd de reacties die ze wilde. Maarja, als je geen ervaring, geen kennis hebt. Hoe weet je dan hoe je moet reageren? We kunnen immers ook niet in het hoofd van die ander kijken. Hoe weet je dan wat die ander nodig heeft om te moeten horen? Ook hier geldt, onwetendheid bepaalt veel in de reacties.

Wat ik van dit alles heb geleerd is me niet druk te maken over de mening van anderen, me niet te veel aan te trekken van zaken waar een ander geen weet van heeft. Tenminste ...... als je zelf weet wat er speelt.

In de jaren dat ons mannetje nog geen diagnose had voelde ik me vaak heel opgelaten als hij dwars gedrag liet zien (liggen op straat, gillen, huilen, slaan). Ik wist me geen raad. Al mijn opvoedkundige kennis die ik had was van geen enkele waarde. Eenmaal wetende wat er speelt bij het mannetje is die opgelatenheid verdwenen. Hij kan er niets aan doen. Ik kan veel voorkomen. Maar niet altijd alles. En dan is het zoals het is. Goedbedoelde adviezen, verwijtende blikken. Nee. Het is voorbij. Daar wil ik me niet meer aan storen. Ze weten het immers niet. Net zomin als ik het ooit wist. En hoe vaak heb ik misschien gedacht bij het zien van een dwars kind: "Pak dat kind eens wat strenger aan." Ongetwijfeld minstens 1 x. Inmiddels weet ik beter. Want wie weet wat er bij dat kind speelt. Ik weet ook, het is echt niet altijd makkelijk, maar het is wel een keuze. Wil je je druk maken over de buitenwereld of wil je je richten op de zaken die er echt toe doen? Iedereen heeft die keuze, maar die keuze is niet altijd makkelijk.

Reacties (2)
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen in deze categorie!
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen op deze website!
Categorieën
Visie
"Een standpunt is een visie met een straal nul"
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl